.
Nieuws afbeelding

NEDERLANDS VOEDSEL STAAT ER GOED OP



NEDERLANDS VOEDSEL STAAT ER GOED OP

COV is verheugd, dat de NVWA in haar 1e ‘Staat van Voedselveiligheid’ stelt, dat voedsel in Nederland er goed op staat.

Het bedrijfsleven heeft daar volgens de toezichthouder een belangrijke bijdrage aan geleverd. En het consumentenvertrouwen blijkt - van 61% naar 68% - te zijn gestegen. COV-voorzitter Jos Goebbels: ‘Die positieve boodschappen zijn cruciaal en moeten we in binnen- en buitenland samen blijven benadrukken.’

De eerste zorg en verantwoordelijk voor veilig voedsel ligt bij de bedrijven, die het maken en op de markt brengen. Belangrijk signaal in het rapport is, dat met het oog op het waarborgen van de voedselveiligheid de bedrijven de regelgeving goed naleven en met private kwaliteitssystemen onderscheidend zijn. Goebbels: ‘Als de NVWA oproept om de eigen verantwoordelijkheid verder te verbeteren, pakken wij de handschoen uiteraard op. Sterker: dat hebben wij al gedaan. Het rapport bespreekt de jaren 2015-2016. We zijn inmiddels verder in tijd én in ontwikkelingen. Denk aan de implementatie van de 'ketenborging, zie ook de goede resultaten in de Naleefmonitor van de NVWA en denk ook aan de invoering van onze COV Gedragscode.' 

Goebbels: ‘Het georganiseerd vleesbedrijfsleven doorstaat de toets der kritiek. Als ondernemingen in hun bedrijfsvoering een goede status hebben opgebouwd, dan is een lichter regime van toezicht mogelijk. Dan kan aandacht van de NVWA uitgaan naar ondernemers, die ‘anders uit de staatjes’ komen, met een ander risicoprofiel, maar die wel de beeldvorming mee bepalen.’

Het baart de COV-voorzitter zorgen als de NVWA schrijft, dat wetenschappelijke kennis en feiten het in de publieke opinie afleggen tegen meningen, opvattingen en emoties, die via de social media gedeeld worden: ‘Dit bevestigt, dat communicatie over de kwaliteit én de veiligheid, over het product én het proces hard nodig is. Het is ook daarom goed, dat de NVWA stelt, dat een ‘onregelmatigheid’ niet direct een (acuut) risico is, wat wel (snel) wordt veronderstelt’.

De NVWA wijst op de mogelijke fraudegevoeligheid van onderscheidende concepten. Goebbels: ‘Als ketens meerwaarde creëren, zijn sluitende systemen noodzakelijk om vals spel door ‘derden’ uit te sluiten, zodat daar hard tegen opgetreden kan worden.’

Ook de waarschuwing rond de circulaire economie kan de COV plaatsen. Goebbels: ‘Het is goed dat de NVWA open staat voor het (weer) verwerken van reststromen en bijproducten. Dat kan immers enorme impact hebben op de footprint. Wij onderschrijven dat dit alleen aan de orde is als in alle openheid (wetenschappelijke) zekerheid kan worden geboden over de veiligheid van het proces en het product.’

Terug naar het overzicht